Niemand vindt het leuk belastingen te betalen, maar zoals Benjami, Franklin al zei is het een van de twee zekerheden in dit leven. En wanneer je bedenkt dat de andere zekerheid waar hij op doelde de dood was, is belasting betalen helemaal zo slecht nog niet.
Dat hoeft niet te betekenen dat je meer moet betalen dan waartoe je verplicht bent – maar veel Nederlanders doen dat toch. Nu de belastingsdienst vanaf 2009 de formulieren van de inkomstenbelasting alvast gaat invullen, is het de vraag in hoeverre de Nederlanders de moeite zullen nemen op zoek te gaan naar die laatste aftrekposten waarmee zij het totaalbedrag nog omlaag kunnen brengen. Er zijn er immers genoeg: de hypotheekrente, specifieke zorgkosten, giften, (eigen) studiekosten, uitgaven voor monumentenwoningen en nog enkele categorieën. Daarnaast is er de algemene heffingskortingen waarvan de hoogte afhangt van je leeftijd en persoonlijke omstandigheden.
Dat mensen niet alle aftrekposten opvoeren, is vaak te wijten aan verwarring over de mogelijkheden, slecht boekhouden of gewoon luiheid. En als dat het geval is, geef je je geld eigenlijk weg en dat nog wel aan de regering. Dat zou je moeten motiveren om nog eens goed naar je aangifte te kijken.
Je aangifteformulier invullen
Wanneer je 1 april nadert, kun je in twee situaties terechtkomen: of je verwacht een hoop geld terug te krijgen van de belasting, of je vreest dat je de fiscus nog het een en ander schuldig bent. Soms heb je al een voorlopige aanslag gekregen, maar nu gaat het erom. Veel mensen doen hun aangifte op het laatste moment en hebben in de week voor 1 april nog een berg werk te verzetten. Nu vrijwel iedereen elektronisch aangifte doet, is de deadline weer iets opgeschoven en ben je niet meer afhankelijk van de post en moet je die fout kennelijk elk jaar weer herstellen.
Toch klopt er iets niet als je elk jaar een groot bedrag terugkrijgt. Dan houdt je werkgever waarschijnlijk te veel in voor de sociale verzekeringen of een andere post en moet je die fout kennelijk elk jaar weer herstellen.
Bepalen welk formulier je moet invullen, is nog maar de eerste stap. Er zijn verschillende inkomstenbelastingformulieren:
- P-biljet (voor particulieren);
- W-bljet (voor ondernemers indien zij ontheffing hebben van de verplichting elektronisch aangifte te doen);
- E-biljet (voor particulieren die een eenvoudige versie van de verplichting elektronisch aangifte te doen);
- F-biljet (aangifteformulier voor de nabestaanden van een overledene belastingsplichtige);
- T-biljet (voor belastingsplichtigen die een teruggaaf willen aanvragen);
- Tj-biljet (voor jongeren tot 30 aar die alleen loon of een uitkering hebben en een teruggaaf willen aanvragen);
- C-biljet (voor buitenlandse belastingplichtigen die het hele jaar in het buitenland wonen en inkomsten hebben in Nederland);
- Tc-biljet (voor buitenlandse belastingsplichtigen die een teruggaaf willen aanvragen);
- M-biljet (voor belastingplichtigen die emigreren of immigreren).
Vrijwel alle formulieren zijn tegenwoordig elektronisch, behalve die voor de aangifte van overleden belastingsplichtigen en voor de aangifte voor mensen die willen emigreren of immigreren.
In de meeste gevallen krijgen belastingplichtigen automatisch bericht dat zij aangifte moeten doen, maar dat verloopt niet altijd vlekkeloos; je blijft zelf verantwoordelijk voor je aangifte. Die verantwoordelijkheid geldt ook voor de nieuwe automatische aangifte, die in 2009 is ingegaan. De Belastingdienst vult de formulieren alvast in, maar dat betekent niet dat je zelf niet verantwoordelijk bent voor de juistheid van de gegevens. Zorg dat je je aangifte op tijd doet.
Hoogte van de inkomstenbelasting
Het Nederlands inkomen wordt belast in drie verschillende zogenoemde boxen.
Box 1
Onder box 1 vallen de inkomsten uit werk en woning. Deze worden progressief belast in 4 schijven.
Box 2
Onder box 2 vallen de inkomsten van wat in jargon een aanmerkelijk belang heeft, wat staat voor een aandelenbelang in een besloten of naamloze venootschap door een natuurlijke persoon. Het wordt aanmerkelijk genoemd omdat de Belastingdienst de omvang van het belang nader gedefinieerd. De voorwaarden zijn iets de gedetailleerd om hier op te noemen, maar op de website van de Belastingdienst kan u deze nader bestuderen.
Box 3
In box 3 worden de inkomsten uit sparen en beleggen belast. De belastingdienst gaat uit van een fictief rendement van 4 procent. Het tarief is 30 procent, ofwel 1,2 procent van het vermogen: vandaar de naam vermogensrendementsheffing.
De inkomsten uit de drie boxen samen wordt het drempelinkomen genoemd. De persoonsgebonden aftrek wordt toegepast op het inkomen in box 1, en als dat niet toereikend is (je inkomen in box 1 mag niet negatief worden), op het inkomen in box 2 en box 3.
Heffingskortingen
In de Wet Inkomstenbelasting zijn verschillende heffingskortingen opgenomen. Het is afhankelijk van je leeftijd en je persoonlijke omstandigheden of je hiervoor in aanmerking komt. Alle belastingbetalers hebben recht op een algemene heffingskorting. Maar er zijn meer heffingskortingen, zoals een arbeidskorting, een ouderenkorting, een korting voor maatschappelijke beleggingen, een alleenstaande-ouder-korting, een ouderschapsverlofkorting, een doorwerkkorting, een korting voor directe beleggingen in durfkapitaal en culturele beleggingen.
Uitbetaling van deze heffingskortingen kun je voorafgaand aan het belastingjaar aanvragen met behulp van een VT-, T-, of Tj-aangiftebiljet.
Het uitzoeken van aftrekposten
Sommige aftrekposten zijn gekoppeld aan het inkomen in een bepaalde box. Denk bijvoorbeeld aan de aftrekbare hypotheekrente: de hypotheekrente betaal je immers voor je woning. Zo kun je ook de kosten die je maakt voor lijfrenten en andere premies opvoeren als aftrekpost voor box 1, omdat deze kosten samenhangen met je werk.
Bij box 2 accepteert de Belastingdienst eigenlijk maar twee soorten aftrekposten: kosten die je maakt voor je ‘aanmerkelijk belang’ en de verliezen uit dit belang. Dat klinkt streng, maar het kan natuurlijk best zijn dat je kosten maakt van het aanmerkelijk belang. In box 3 kun je eigenlijk alleen je schulden aftrekken.
Aftrekposten die niks te maken hebben met het inkomen in één van de drie boxen, heten ‘persoonsgebonden aftrek’. In de Wet Inkomstenbelasting worden verschillende kosten gerangschikt onder het kopje persoonsgebonden aftrek. Dat zijn aftrekposten die niet direct gerelateerd zijn aan een van de boxen:
- Kosten die je maakt voor alimentatie of andere onderhoudsverplichtingen;
- Uitgaven voor het levensonderhoud van kinderen en jongeren jonger dan 30 jaar die je met minimaal 410 euro per kwartaal onderhoudt;
- Ziektekosten en andere buitengewone uitgaven;
- Kosten voor weekendbezoek van gehandicapten vanaf 27 jaar die in een AWBZ-instelling verblijven;
- Studiekosten of andere schoolingsuitgaven voor en serieuze studie;
- Bepaalde kosten gemaakt voor monumenten;
- Giften;
- Verliezen op beleggingen in durfkapitaal.
De enige manier waarop je er zeker van kunt zijn dat je niet teveel betaalt, is door een goede boekhouding van je inkomsten en uitgaven bij te houden. Je kunt natuurlijk elke factuur en elk bonnetje in een schoenendoos stoppen en die doos eind maart eens omgooien om uit te zoeken wat aftrekbaar is en wat niet. Maar tegenwoordig zijn er veel betere en effectievere manieren om je boekhouding bij te houden.
Weten wat aftrekbaar is
De sleutel tot een goede boekhouding is begrijpen welke uitgaven gedurende het jaar aftrekbaar zijn en welke niet. Het heeft geen zin je in je administratie verstopt te laten raken met bonnetjes voor dingen die toch niet aftrekbaar zijn, zoals je wekelijkse boodschappen. Aan de andere kant: wanner je het bonnetje voor het blik dat je hebt gedoneerd aan de voedselbank niet bewaard, mis je de kans je inkomstenbelasting omlaag te brengen.
- Houd bij hoeveel kilometer je hebt gereden
Je kunt je woonwerkverkeer niet aftrekken, maar misschien wel de kilometers die je maakt voor je ziekenhuisbezoek als buitengewone uitgaven. Zelfstandige ondernemers kunnen hun kilometers zeker aftrekken.
- Maak notities op je bonnentjes
Je kunt een uitgave niet aftrekken als je niet weet waar je je geld aan hebt uitgegeven. Schrijf precies op wat je hebt gekocht.
- Zelfstandige werkruimte thuis
Als je minimaal zeventig procent van je loon thuis in een zelfstandige werkruimte verdient, is een onbelaste vergoeding mogelijk van twintig procent van de huurwaarde van je eigen woning of je huurwoning.
Merkwaardige aftrekposten
De Belastingdienst accepteert heel wat merkwaardige aftrekposten. Altijd met een reden, dat wel. Niet lang geleden kwam in het nieuws dat een heks de kosten van een heksenopleiding mag aftrekken van de belastingen. Dat is door de rechter bepaald en bevestigd door de belastingdienst. Het idee achter dit besluit: fiscaal betreft het een opleiding om de vakkennis op peil te houden, zoals dat geldt voor alle mensen die deelnemen aan het arbeidsproces.
Andere merkwaardige aftrekposten zijn steekpenningen, de kosten die overvallers maken voor pistolen en dergelijke, bedrijfskosten die prostituees maken, transport- en andere bedrijfskosten voor drugshandelaren en de kosten van diefstal door werknemers of klanten.
Aftrekposten over het hoofd zien
Zoals we al eerder hebben opgemerkt, gaat het er bij de aftrekposten om dat je goed bijhoudt welke kosten je kunt aftrekken. Wie dat niet doet, betaalt waarschijnlijk meer belasting dan nodig is. Hier volgt een aantal aftrekposten die vaak over het hoofd worden gezien:
- Kosten die je hebt gemaakt als vrijwilliger voor een ideële organisatie
Het gaat om de kosten die je had kunnen declareren, maar waarvan je dat vergeten bent te doen. Deze bedragen tellen als gift. Voor autoritten die je niet hebt gedeclareerd mag je twintig cent per kilometer rekenen, voor taxiritten de daadwerkelijke kosten.
- Schenking aan een goed doel
Donanties zijn fiscaal aftrekbaar van je inkomsten uit box 1. Het goede doel moet welk geregistreerd staan in als Algemeen Nut Beogende Instelling. Dat kun je natrekken op de website van de Belastingdienst. Je giften moeten minimaal één procent van je belastbaar inkomen beslaan of zestig euro. Bedragen boven de tien procent van je inkomen zijn niet aftrekbaar. Haal je dat minimum niet, dan mag je giften over meerdere jaren bundelen. Als je boven het maximum dreigt te komen, kun je het beter spreiden.
- Boeterente bij oversluiten hypotheek
Als je je hypotheek oversluit, krijg je vrijwel altijd een boeterente. Ook deze kun je als aftrekpost opvoeren, tenzij je de boete meefinanciert in je hypotheek. In dat geval kun je hem weer opvoeren als schuld in box 3.
- De uitvaart van je partner of kinderen
Een grote kostenpost in zijn geheel mag je aftrekken als buitengewone uitgaven in box 1. Zelfs telefoonkosten, grafrechten, de steen en de koffie en cake tellen mee.
Als je een aftrekpost bent vergeten, kun je gewoon een nieuwe aangifte sturen waarin je deze aftrekposten alsnog opvoert. Daar hoeft geen speciale brief bij; de Belastingdienst gaat vanzelf aan de slag met de nieuwe aangifte. Zij gaan ervan uit dat de laatste binnengekomen aangifte de juiste is.
Geen gerelateerde artikelen.